19-07-04

Van Stad naar Agglomeratie - Brussel

 

Van stad naar agglomeratie

De landelijke nederzetting aan de Zenne werd snel een stad, die zich van de omgeving afsloot door haar omwallingen. De eerste vestingmuur verdween haast spontaan en de tweede werd tussen 1810 en 1840 afgebroken. Op dat ogenblik bestond er geen materiële scheiding meer tussen Brussel en de aanpalende gemeenten zodat het eigenlijke Brussel met zijn voorsteden gemakkelijk kon samengroeien tot een agglomeratie.

Toch is het eigenaardig - of misschien alleen maar normaal - dat de vorming van de agglomeratie voorafgegaan werd door een duidelijke ontvolking van de stad Brussel die in 1910 nog circa 185.000 inwoners telde, terwijl dat aantal in 1925 gedaald was tot 141.991...
De oorzaken van deze ontvolking waren verschillend: de ongezonde lucht van de Zenne (pestepidemieën in o.a. 1836, 1866 en 1874), de stijgende prijzen van de bouwgronden en de hogere huurgelden dreven de mensen het stadscentrum uit. Ook de octrooigelden verhoogden de kosten van levensonderhoud die, volgens burgemeester De Brouckère in 1848, in Brussel dertig procent hoger lagen dan in de randgemeenten. En wanneer de grote industrieën zich dan ook in de randgemeenten vestigden, werden vele Brusselaars uit de stad weggelokt.

In die periode was Brussel al sterk verfranst en de uitwijking van Brusselaars naar de randgemeenten had daar een versnelling van de verfransing tot gevolg.
Inmiddels was in Vlaanderen de "Vlaamse Beweging" tot stand gekomen die ijverde voor een volwaardige behandeling van het Nederlands: zij zette zich in de eerste plaats in voor taalwetten. Bij de totstandkoming van de verschillende taalwetten viel Brussel uit de boot: het werd een "ville mixte" met een eigen "tweetalig" statuut met een specifieke regeling voor de randgemeenten: indien 30% van de inwoners daar Frans praatten, moest heel het bestuursapparaat er tweetalig worden en vanaf het ogenblik dat 50% van de bewoners zich Franstalig verklaarden, moest de gemeente van taalstatuut veranderen en ingelijfd worden bij de Brusselse agglomeratie.

De allerlaatste inlijving bij de agglomeratie gebeurde in 1954 toen Ganshoren, Sint-Agatha-Berchem en Evere (deze laatste gemeente nochtans met slechts 48,8% Franssprekenden) in de agglomeratie opgenomen werden. Sindsdien is de territoriale beperking van de Brusselse agglomeratie tot de 19 gemeenten die er nu toe behoren, een belangrijke eis van de Vlaamse Beweging. Door de bijzondere wet op de Brusselse Instellingen (12.01.1989) wordt deze eis in werkelijkheid omgezet.


09:11 Gepost door Jantje de Belg | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.